Introductie

19 mei 2013. 

Het weekstuk staat weer op de gebruikelijke plaats. Het was weer een aardige week. Op alle fronten. Veel leesplezier!

 

Eerste lapvluchtje oude doffers 

 

 

De aankomsten zijn live te volgen op 'Live-duiven'.

 

 

LIVEDUIVEN.NL 

 

 

 

 

Welkom op de webstie van Michel Beekman (inmiddels alweer 46 jaar). Michel Beekman bedrijft sinds 1988 de sport onder naam Beekman-Tilmans. Eerst in Diemen, sinds 2002 in Aalsmeer. Naast duivenliefhebber met veel ambities en goede prestaties was Michel Beekman ook verslaggever van het NPOrgaan. Een aantal in het oogspringende artikelen van zijn hand staan dan ook op deze site (zie: ‘Artikelen').Sinds maart 2012 heeft Michel de pen weer opgepakt nu voor 'Het Spoor'. 

Tenslotte is Michel Beekman inmiddels zelfs landelijk bekend vanwege zijn ge- en bekende kweekduiven. De echte Klakken van Jos van Limpt bevolk(t)en de kweekhokken. Het was Gertjan Beute die Michel en zijn vader daarom ‘doopte' tot ‘de klakmannen van Aalsmeer'. Bekijk voor meer informatie over dit ‘gouden bloed' de pagina ‘Duiven'. Inmiddels bezit Michel naast de Klakken ook veel duiven van die andere grootmeester uit Brabant, Ad Schaerlaeckens. Ook informatie hierover vindt u op de pagina ‘Duiven'.

 

 

Op deze pagina (Introductie) treft u informatie over het ontstaan van de combinatie en de ‘avonturen' in ruim 25 jaar zelfstandige duivensport. Op de pagina ‘Methode' wordt beschreven hoe de verzorging van de duiven in zijn werk gaat. Op de pagina ‘Prestaties' staan de prestaites behaald in het afgelopen vliegseizoenen (2011 en 2012).  Op de pagina 'Nieuws'wordt ingegaan op de resultaten die behaald werden op de vluchten (gedurende het vliegseizoen) en worden tijdens het stille seizoen de highlights van dat moment tegen het licht gehouden. Deze columns verschijnen ook wekelijks op de sites van  Duivenvaria en MSNduivensport!

Indien u contact wilt of een reactie wilt achterlaten kunt u terecht op de pagina ‘Contact' of in het 'Gastenboek'. 

Veel leesplezier!  

Foto Michel Beekman

Wie zijn of is Beekman-Tilmans? De combinatie Beekman-Tilmans bestaat sinds 1987 en werd destijds gevormd na de grote verbouwing van het eerste eigen duivenhok van Michel Beekman. In de winter van 1987/88 had Michel de wens het platte dak te vervangen door een pannenkap. Dit was een grote klus waarin Michel werd bijgestaan door zijn oom Harry Tilmans, een handige timmerman. De klus was lang en taai, op een locatie zonder elektriciteit en andere voorzieningen. Gedurende de timmeractiviteiten ontstond het idee om in combinatie te gaan vliegen. In het jaar 1988 werd voor het eerst gevlogen onder deze inmiddels ‘ingeburgerde' naam. Tot de ‘duivenverhuizing' naar Aalsmeer in het najaar van 2002 speelde Tilmans een actieve rol in de verzorging, vooral in weekeinden, tijdens vakanties en in het verenigingsleven bij P.V. De Luchtpost Diemen. Na de verhuizing is Harry Tilmans' rol in de activiteiten beperkt tot ‘naamgever'. Dit werd zowel veroorzaakt door grote gezondheidsproblemen als door afnemende interesse in de duivensport. Vanaf dat moment bestaat de combinatie dus alleen nog ‘op papier' en komt de gehele verzorging neer op de schouders van Michel.

Foto Dijk met hokken

De geschiedenis. Michel Beekman besloot op achttienjarige leeftijd zelfstandig duiven te gaan houden. Althans, toen de verzorging van de duiven op de Volkstuin Beekman Senior wat zwaar viel naast de verzorging van de kolonie achter het woonhuis, besloot Michel dit op zich te nemen. Van het één kwam het ander. Aarzelend werd er in 1985 met enkele duiven deel genomen aan de oude duivenvluchten. Er werd gevlogen met niet of nauwelijks opgeleerde duiven. Deze werden gekweekt uit de duiven die de oude hokken op de volkstuin aan de spoordijk bevolkten. Deze ‘kweekduiven' waren ‘oude cracks' uit de tijd dat Beekman Sr. nog aan de wedvluchten deelnam vanaf deze locatie en een aantal aangeschafte duiven van J.W. van Schaik, toentertijd Veenendaal (tegenwoordig de Klomp). Het succes was niet groot, gevlogen werd op nest, met af en toe een duifje in de prijzen. Met de jonge duiven werd getracht de zaken serieuzer aan te pakken. Er kwamen jonge duiven van diverse liefhebbers (maar vooral van Gerrit van Huisstede uit Nederhorst den Berg). Met een hok (te) vol duiven en een vloer bezaait met sinaasappelkistjes werd deelgenomen aan de jonge duivenvluchten. Niet zonder succes, want het eerste kampioenschap werd gelijk binnengehaald. In de afdeling Amsterdam werd de motivatie van de youngsters, veroorzaakt door de kistjes, vertaald in het 10e kampioenschap Aangewezen. In die tijd namen er nog zo'n 700 hokken deel aan de vluchten ....... Het eerste succes smaakte naar meer, 'je bent 18 jaar en je wilt wat'! Het oude hok zat te vol, want behalve voor de kwekers en de jonge duiven moest er ook nog plaats zijn voor weduwnaars. In de winter van 1986 werd een grote oude bouwkeet (3 bij 7 meter) opgekocht en deze werd onder helse omstandigheden en deels bij kaarslicht verbouwd tot duivenhok. Drie afdelingen, twee voor de weduwnaars en één voor de jonge duiven. De weduwduivinnen zaten in duivinnenkisten in de gang van het hok. In 1986 werd hierop voor het eerst op weduwschap gevlogen. Nog beperkt met 12 koppels! De kiem voor een lange duivencarrière, met veel ambitie was gelegd. In 1987 werd het eerste grotere kampioenschap binnengehengeld. Op verenigingsniveau weliswaar, maar toch op 20-jarige leeftijd het aangewezen Generale kampioenschap binnenhalen is wel iets om te memoreren.

De echte doorbraak volgde na de hierboven beschreven verbouwing. Door het pannendak werd het klimaat van het hok beter en de resultaten volgden spoedig. Zowel in het toenmalige rayon Zuid Oost van de afdeling Amsterdam als in de vereniging werden aansprekende resultaten geboekt. Het viel Michel echter op dat de echte top net gemist werd. Dus werd besloten het ‘fonds betere duiven' in het leven te roepen. Na een aantal jaren gespaard te hebben werd in het najaar van 1989 met de grote Aalsmeerse kampioen Cor Buis (Senior) afgesproken dat de gehele ronde eieren van zijn weduwnaars richting Diemen zou komen. Aldus geschiedde. Ruim zestig eieren verhuisden in 1990 naar Diemen, In 1991 volgden er nog twintig. De kwaliteitsinjectie betaalde zich al spoedig uit want vanaf 1992 werd de combinatie Beekman-Tilmans één van ‘de smaakmakers' in het Oostelijke deel van de afdeling. Op verenigings- en rayonniveau werd de sprong naar de ‘top' in het toen nog zeer populaire generaalspel gemaakt. In de afdeling werd regelmatig aan de deur van de echte top geklopt. Het topjaar werd 1994, met het 1e kampioenschap Oude duiven in het rayon Zuid Oost (150 leden) en 9e in de afdeling Amsterdam. Dit laatste was voor een 'oosterling' destijds een uitzonderlijke prestatie. Vanaf 1997 werd er alleen nog gespeeld op ‘het korte werk'. Dit ging met ups en downs, mede doordat er gewend moest voor aan de nieuwe duiven (de Klakken) en wisselingen in werk en privé-omstandigheden. Toen eind jaren negentig de weg naar boven weer gevonden was, werd helaas ook de aandacht van het dievengilde getrokken. De goede duiven op de volkstuin waren als het ware vogelvrij. De eerste inbraak in 1999 werd nog "makkelijk' verteerd, omdat het om een aantal kweekduiven ging en een twintigtal zomerjongen. De tweede inbraak in het najaar van 2001 waarbij een 30-tal talentvolle meerjarige duiven uit het nieuwe hok gestolen werd, viel veel zwaarder! Weg opbouw! Deze inbraak deed Michel besluiten dat het houden van duiven op de volkstuin zo niet langer kon. In overleg met partner Erna werd besloten dat de duiven zo spoedig mogelijk ‘veilig', dus bij huis, gehouden moesten worden. Het toenmalige woonadres had een tuin, maar was qua ligging en karakter van de buurt niet geschikt om duiven op ‘topniveau' te houden. Besloten werd op zoek te gaan naar een huis dat zowel voor het gezinsleven als voor duiven op topniveau geschikt was. Het gewenste huis werd gevonden in Aalsmeer, aan de gekende duivenstraat, de Aalsmeerderweg. Niet alleen was er voldoende ruimte voor een groot hok, ook was de buurt geschikt voor het houden van duiven (landelijk karakter) en waren de sportieve mogelijkheden groot door de gunstige ligging ten opzichte van de vlieglijn. In het voorjaar van 2002 werd er verhuisd en eind april werd het grote vlieghok geplaatst door hokkenbouwer Schut uit Kootwijkerbroek.

Foto Vlieghok 

Door de late plaatsing (a.g.v. de lange doorlooptijd voor het verkrijgen van de vergunning) werd er slechts op de Navluchten gevlogen met de jonge duiven. Deze werden alleen opgeleerd en niet geconstateerd, want Michel vloog dat jaar ‘gewoon' met de oude duiven in Diemen. Een lastige opgave, twee kolonies op twee locaties in combinatie met een verhuizing en alles wat daar bij komt kijken. Opmerkelijk genoeg bleven de prestaties met de oude duiven behoorlijk goed op peil. Zo goed dat voor een derde maal het dievengilde meende een aantal goede duiven te moeten stelen. De week na de laatste navlucht en een week voor de definitieve verhuizing naar Aalsmeer, waar inmiddels ook een hok voor de kwekers was geplaatst, werd er namelijk weer in gebroken. De drie toppers van het hok, die ook de eerst aankomende duiven waren op de laatste navlucht (1,2,3 in de vereniging) werden samen met hun partners gestolen! Eens de meer bleek de juistheid van de beslissing om duiven te gaan houden op een locatie waar het toezicht meer gewaarborgd was/is. Opmerkelijk genoeg keerden de drie koppels enkele dagen later terug op de hokken, waarschijnlijk werd het de dieven te heet onder de voeten ....

Foto Kweekhok in Aalsmeer

Hoe het verder ging in Aalsmeer

In 2003 werd voor het eerst gespeeld om de punten vanaf de nieuwe locatie. Na een aarzelende start werd in de tweede helft van het seizoen al weer op een goed niveau gespeeld. Vooral de jonge duiven droegen hun steentje bij. De mix van jongen uit de Klakduiven, die voor het eerst volop ontplooiingsmogelijkheden kregen, en de jongen uit de goede vliegers die waren meegekomen uit Diemen, zorgden voor veel punten. Dit resulteerde direct in het 10e Generale kampioenschap Aangetoond en Onaangetoond in het sterke rayon F van de afdeling Noord Holland. Op een nieuw hok met oude duiven die als jong slechts drie navluchten gevlogen hadden een resultaat dat perspectief bood voor de toekomst. In de jaren die hierop volgden werd dit perspectief vertaald in uitstekende prestaties. Diverse vroege duiven in groot verband en goede kampioenschappen ( o.a. 3e en 4e oude duiven en altijd bij de Generale kampioenen in district Amsterdam en Rayon F) culmineerden in het topjaar 2007. Waar gezien de leeftijd van de goede duiven 2006 op voorhand bestempeld werd als het oogstjaar bleek dit één jaar later te zijn. Na een redelijke start op de Vitesse (10e) kwamen de oude duiven in vorm op Midfond (4e ) en Dagfond (5e ). De goede conditie van de oude duiven (uiteindelijk 3e oude duiven in rayon en district) had ook zijn weerslag op die van de jonge duiven want zijn presteerden beter dan ooit (3e in Rayon, 5e in district). Op de navlucht bleek de conditie nog top want met een 1e plaats in het district en een 4e in het rayon werden net te weinig punten behaald om Henny La Grouw in het generale kampioenschap van de troon te stoten! In 2008 werd de tol betaald van het uitstekende jaar 2007. Na een prima start op de vitesse (4e in rayon en District) ging het vooral mis op de dagfond. Door een probleem met de gezondheid (waarschijnlijk streptokokken) en het verlies van een aantal topduiven op de laatste Duitse vlucht in 2007, kon het niveau van de jaren daarvoor niet meer gehaald worden en werden veel punten verloren. Resultaat, nog wel een aantal kampioenschappen maar ‘minder' dan gehoopt .....

In 2009 werd de draad weer opgepikt. Met een grote selectie werd gestart. Echter de pechduivel vloog ook in 2009 mee. Vooral het binnenkomen was dramatisch. Op de Vitessevluchten leidde dit tot veel puntverlies. Een goede klassering in groot verband werd hierdoor gemist. Op de midfond en dagfond werd weer aangepikt bij het niveau van de goede jaren. Vroege duiven en goede klasseringen in de eindstanden van de kampioenschappen. (5e Midfond, 10e Dagfond en 8e oude duiven in Rayon F). De pechvogel was echter nog niet klaar halverwege het oude duivenseizoen brak een pokkenepidemie uit in de vereniging Strijd & Vriendschap. Met name de doffers van de programmaspelers waren de klos. Zo ook bij Beekman-Tilmans. Alle duiven kregen een noodenting. De duivinnen hadden niet veel last en bleven presteren. De oude doffers konden niet meer gespeeld worden. De jonge duiven, die krap 2 weken voor de eerste vlucht geent werden met een andere entstof kregen echter een geweldige terugslag. Enorme entreacties gevolgd door enorme kortsten drukten de vorm! En het duurde lang voordat ze er boven op kwamen. Het resultaat; een zeer matig jonge duivenjaar. Pas vanaf de 6e vlucht kwam de vorm weer wat terug ... De matige resultaten met de jonge duiven hadden ook hun weerslag op de klassering in de klassementen. Het resultaat niet bij de eerste 10 in het district voor het eerst in 8 jaar. Ook hierin speelde de pechduivel overigens nog een rol. Vitale punten werden namelijk op de 4e navlucht gemist doordat een roofvogel de eerst arriverende duif aanviel ....

Ondanks het moeizame jaar 2009 waren de verwachtingen voor 2010 hoopvol gestemd. Duivensport is en blijft immers de sport van de hoop. De hoop was echter gebaseerd op het goede spel van een groep oude duivinnen van 2008 en de ontluikende talenten van een behoorlijk aantal jonge duivinnen op de laatste vluchten van het seizoen. Daarnaast werden er stappen gezet in de medische begeleiding (minder) en was een behoorlijke groep duiven speciaal opgeleerd!

In de januari maand van 2010 werden nieuwe volieres van de firma Habru geplaatst. Hierdoor konden alle duiven 'veilig' in bad en bij goed weer 'veilig' buiten zitten. Het plaatsen onder winterse omstandigheden bleek een helse klus maar het resultaat mocht er zijn. Zie hiervoor de foto's in het 'Foto album'. Helaas moesten de duiven erg wennen aan hun nieuwe onderkomen / invliegopeningen. Dit kostte de eerste 3 vluchten van het seizoen 2010 zeer veel punten. De duivinnen die voor het eerst alleen gespeeld werden (dus de doffers bleven thuis) waren erg zenuwachtig. Hierna ging het echter lopen en kon het seizoen 2010 toch nog als een van de beteren in de boeken. Mede doordat het gehele seizoen 'bij huis gelopen werd', kon er maximaal tijd aan de duiven besteed worden en dit betaalde zich uit. Zeer goede resultaten in het tweede deel van het seizoen zorgden voor veel kampioenschappen. Een grote groep jonge duiven leek zeer talentvolle aanvulling voor het seizoen 2011.

Het seizoen 2011 lostte de belofte van het seizoen 2010 vooral in het eerste deel van het seizoen helemaal in. In de periode dat het mooi weer was werden wekelijks vroege duiven gedraaid. Met hierbij de 2 superduivinnen vrijwel wekelijks voorop. Aangewezen werd tot de laatste vlucht de eerste plaats ingenomen in het rayon F en het district Amsterdam. Op de verregende vlucht vanuit Argenton ging het mis waardoor Dave van Zon alsnog met de eer kon gaan strijken wat resteerde een eervolle 2e plaats. In de afdeling NH haalde niemand meer punten in het aangewezen spel maar dat is geen officieel kampioenschap. Ook met de jonge duiven liep het gezien de omstandigheden goed. Met minder tijd dan voorafgaande jaren, door een nieuwe betrekking, werd toch nog wekelijks 'goed gescoord'. Niet zo zeer goede series maar wel tijdduiven. Een jonge doffer sprong eruit en hij zorgde voor het eerste duifkampioenschap in het rayon een districht! 5 keer was hij vroeg. De 6e vlucht miste hij maar toen was zijn voorsprong al groot genoeg. Op de navluchten viel het een beetje tegen. In tegenstelling tot 2010 kwamen de doffers niet op gang. Door tijd gebrek hadden ze te weinig gevlogen en was het africhten ook niet 'je van het'. Al met al een goed jaar. Voor de details verwijs ik u naar de pagina prestaties.

Voor het seizoen 2012 was er ook weer de nodige ambitie. Er was aan het hok gesleuteld in de vorm van nieuwe broedhokken en ook de verduistering vond automatisch plaats. Evenals het loslaten en voeren van de jonge duiven. Dit moest meer regelmaat scheppen en meer tijd opleveren om de duiven te trainen en te conditioneren. Vooral voor de jonge duiven en de doffers. Ook de buren zijn hier uiteindelijk beter van geworden. De jonge duiven slenterden niet meer de hele dag op het erf. Echter alle verandering is niet direct een verbetering. Qua prestaties althans. 2012 was het zijn van het niet of misschien zelfs helemaal niet. Geen moment kwamen de oude duivinnen in de gewenste vorm en dat had zijn weerslag op de prestaties. Die waren matig, soms zelfs slecht. Door een herpes besmetting bij de jonge duiven viel ook dit spel zo goed als in het water. Slechts de oude doffers wisten zich aan de malaise te onttrekken. Zij vlogen het hele jaar dat het een aard had. Eerst vooral rond het hok, later ook op de navluchten. Helaas vielen ze niet alle weken even vlot maar op de laatste vluchten bevestigden ze dat het oude duivenhok in ieder geval goed in orde was.

Daarom is deze winter wederom de hamer en zaag gehanteerd. De oude duivinnen wonen nu in de voormalige jonge duivenhokken. De kwekers zijn nu gehuisvest in het voormalige duivinnenhok. De kweekhokken zijn omgebouwd tot een volwaardig jonge duivenverblijf. Ook is er gesleuteld aan de ingangen. Normale spoetniks van de firma Habru om het haperen bij het binnenlopen op te lossen. De vraag is wat een en ander in het seizoen 2013 brengt.  

Veel lees plezier op de andere pagina's.